Begonnen bij de praktijk
Al vanaf 2009 had het VASN-bestuur contact met provincies. Subsidies werden soms te laat uitbetaald. Het notariaat mocht kosten niet voorfinancieren. Ook verschilden provincies en kavelruilbureaus sterk in hun aanpak.
We schreven alle provincies aan. In de jaren daarna voerden bestuursleden gesprekken bij het Kadaster en in verschillende provincies. Zelf ging ik op de koffie bij gedeputeerde Jan Jacob van Dijk in Arnhem.
Dat werk was nodig, maar kostte veel tijd. Daarom organiseerden we een themamiddag. We brachten provincies, kavelruilbureaus en mensen uit de praktijk bij elkaar. De eerste bijeenkomst vond plaats in Van der Valk Amersfoort.
Samen kennis opbouwen
Vanaf het begin brachten we wetenschap, beleid en praktijk samen. Jeroen Rheinfeld verzorgde de inhoudelijke aftrap. Jan van Rheenen vertelde over grote projecten als Verkavelen voor Groei en de Turbokavelruil in Winterswijk.
In 2018 maakten de aanwezigen, onder leiding van Jeroen Rheinfeld, een einddocument over de voorwaarden voor een geslaagde kavelruil. We brachten daarin de aanloop, uitvoering, financiële en fiscale afwikkeling en nazorg samen.
Vanaf 2019 pakten de VASN, Kavelbureau Zeeland, het Kadaster en Jeroen Rheinfeld de organisatie gezamenlijk op. Zo ontstond de vertrouwde samenwerking van de ‘drie J’s’ — Jeroen, Johan en Jan — met mijzelf en eerder Petra Kortlever namens de VASN.
De onderwerpen gingen mee met de tijd: water en kavelruil, Landinrichting 2.2, de gebiedsgerichte aanpak, klimaat en 4G: Grond, Gemeenschap, Geschiedenis en Gedoe. Provincies, waterschappen, rentmeesters, notarissen en andere professionals vonden elkaar op deze middagen. Niet alleen tijdens de bijdragen, maar ook in het gesprek daarna.
Volop beweging
Voor dit jubileum maakte Jeroen Rheinfeld een video waarin betrokkenen terugkijken en vooruitzien. Joks Janssen schetst daarin een nieuwe inrichting van het landelijk gebied, met ruimte voor landbouw, natuur, water, klimaat en wonen. Andere stemmen wijzen op de noodzaak van een overheid die meedoet, regels die kavelruil mogelijk maken en marktpartijen die verantwoordelijkheid nemen.
Jan van Rheenen benoemt de kern vanuit de praktijk: kavelruil vraagt niet alleen om een procedure, maar ook om vertrouwen, eerlijkheid en de bereidheid elkaar iets te gunnen. Niemand moet erop achteruitgaan; de winst moet gezamenlijk zijn.
Daarom gaan we verder.
Niet uit gewoonte, maar omdat er nog volop beweging zit in dit onderwerp — misschien wel meer dan ooit. Carlo Vromans volgt Jan van Rheenen op bij het Kadaster. De kavelruilmiddag blijft ruimte bieden aan deskundigen, actuele vragen en de ontmoeting die nodig is om verder te komen.







