In 2025 werd ongeveer 33.900 hectare landbouwgrond verkocht. Daarmee wisselde 1,9% van alle landbouwgrond van eigenaar, een percentage dat vergelijkbaar is met voorgaande jaren.
De mobiliteit verschilt per regio. In Noord-Nederland en de polders wordt relatief weinig grond verhandeld, terwijl in delen van Zuid- en Oost-Nederland meer beweging zichtbaar is. Volgens de onderzoekers hangen deze verschillen samen met factoren als ruimtedruk, bedrijfstypen en economische ontwikkelingen.
Dat er weinig grond op de markt komt, heeft verschillende oorzaken. Grond blijft vaak binnen de familie, fiscale regels spelen een rol en veel eigenaren verwachten dat landbouwgrond in de toekomst verder in waarde stijgt. Tegelijkertijd blijft de vraag groot. Agrarische ondernemers willen uitbreiden of hun bedrijfsvoering aanpassen, terwijl ook natuurontwikkeling, woningbouw, bedrijvigheid en infrastructuur aanspraak maken op de beschikbare ruimte.
In regio’s met relatief veel bedrijven zonder opvolger ligt de grondmobiliteit vaak iets hoger, al blijkt dit verband volgens de onderzoekers beperkt en sterk afhankelijk van de regionale situatie.
Door de lage mobiliteit en de hoge grondprijzen neemt de spanning toe tussen de agrarische opbrengstwaarde van grond en de prijs die ervoor wordt betaald. Dat vraagstuk speelt niet alleen in Nederland, maar ook in andere landen, zoals Vlaanderen.







